Uitzendkracht en overuren : bereken wat u toekomt
Als uitzendkracht hebt u vanaf dag één recht op de beloning die geldt bij de inlener, inclusief de overuren- en onregelmatigheidstoeslagen van de cao van de inlenende sector. Dat is de inlenersbeloning uit de ABU- en NBBU-cao. Zo werkt het voor uw overuren.
Als uitzendkracht werkt u voor het uitzendbureau, maar draait u uw diensten bij een ander bedrijf: de inlener. Bij wiens beloningsregels hoort u dan: die van het bureau of die van het bedrijf waar u feitelijk werkt? Voor uw overuren is dat een cruciale vraag. Het antwoord luidt: door het beginsel van de inlenersbeloning hoort u in beginsel bij de beloning van de inlener, inclusief diens toeslagen. In dit artikel leggen we uit hoe dat zit, wat het betekent als de inlener onder een sector met stevige overurentoeslagen valt, en welk wettelijk fundament er hoe dan ook onder uw dossier ligt.
Wat is de inlenersbeloning?
De uitzendbranche werkt met twee grote cao's: de ABU-cao voor Uitzendkrachten en de NBBU-cao voor Uitzendkrachten. Beide kennen het beginsel van de inlenersbeloning. De kern daarvan is dat u als uitzendkracht vanaf de eerste werkdag recht hebt op de beloning die geldt bij de inlener — het bedrijf waar u bent geplaatst.
Die inlenersbeloning omvat niet alleen het basisuurloon, maar ook de toeslagen die in de cao van de inlenende sector gelden, zoals overwerktoeslagen en toeslagen voor onregelmatige uren. En sinds de cao 2026-2028 is die gelijkstelling verder verbreed: het geheel van de arbeidsvoorwaarden bij de inlener werkt door naar de uitzendkracht.
Voor uw overuren betekent dit iets heel praktisch: u past niet de regels van het uitzendbureau toe, maar de cao van de sector waar u feitelijk werkt (mits die is geverifieerd).
Wat dat concreet betekent per sector
De inlenersbeloning krijgt pas betekenis als u weet onder welke sector-cao de inlener valt. Een paar voorbeelden op basis van geverifieerde sectorregels:
- Transport (beroepsgoederenvervoer). Valt de inlener onder de cao Beroepsgoederenvervoer, dan gelden daar forse toeslagen: overuren 130%, zaterdag 150% en zondag en feestdagen 200% van het uurloon. Als uitzendkracht in dat bedrijf hebt u daar via de inlenersbeloning in beginsel ook recht op.
- Schoonmaak. Valt de inlener onder de cao Schoonmaak- en Glazenwassersbedrijf, dan geldt een overwerktoeslag van 25% (voor uren boven de negende uur per dienst, artikel 20 van die cao). Ook die komt de uitzendkracht toe.
- Horeca. Valt de inlener onder de horeca-cao, dan is het beeld juist andersom: die kent geen overurentoeslag, maar compensatie in tijd op basis van 1:1, of bij voorkeur van de werknemer uitbetaling tegen 100% van het uurloon. De inlenersbeloning kan dus ook betekenen dat er géén toeslag is — een cao is niet altijd gunstiger dan u zou verwachten.
De les: ga nooit uit van de regels van het bureau, en presumeer geen toeslag. Zoek uit onder welke sector-cao de inlener valt en controleer de geldende cao-tekst.
Het wettelijk fundament dat altijd blijft staan
Los van de vraag welke sectortoeslag geldt, ligt er een wettelijke bodem onder elk uitzenddossier. Die posten zijn altijd verschuldigd:
- De basis van 100% van elk gewerkt en onbetaald uur, op grond van de loonbetalingsplicht (artikel 7:616 BW).
- De minimumloontoets. Uw gemiddelde uurloon over alle daadwerkelijk gewerkte uren mag niet onder het wettelijk minimumuurloon zakken (artikel 13a Wet minimumloon). Dat minimumuurloon bedraagt € 14,71 per 1 januari 2026 (21 jaar en ouder).
- 8% vakantiebijslag over het nabetaalde loon.
- De wettelijke verhoging wegens te late betaling (artikel 7:625 BW) en de wettelijke rente.
Deze bodem geldt ongeacht de sector, en ongeacht of er een toeslag op de overuren zit.
Laat de sectorkoppeling door een jurist toetsen
Omdat de inlenersbeloning staat of valt met de vraag onder welke sector-cao de inlener precies valt — en of die cao op de betreffende periode van toepassing was — hoort een uitzenddossier in de categorie "door een jurist te laten nakijken". De koppeling aan de juiste inlenende sector is bepalend voor de toeslagen die u kunt claimen. De wettelijke bodem kunt u alvast in kaart brengen; de sectortoeslag verdient een gerichte controle van de geldende cao-tekst.
Het juridische kader
Inlenersbeloning — ABU-cao en NBBU-cao voor Uitzendkrachten
Op grond van het beginsel van de inlenersbeloning heeft de uitzendkracht vanaf de eerste werkdag recht op de beloning die geldt bij de inlener, inclusief de toeslagen (overwerk, onregelmatige uren) van de cao van de inlenende sector. Sinds de cao 2026-2028 is deze gelijkstelling verbreed tot het geheel van de arbeidsvoorwaarden bij de inlener.
Voor de uitzendkracht geldt dus de cao van de inlenende sector (indien geverifieerd), niet die van het uitzendbureau. Het wettelijk fundament blijft daarnaast altijd staan: de basis van 100% (artikel 7:616 BW), de minimumloontoets (artikel 13a Wet minimumloon — € 14,71 per 1 januari 2026), 8% vakantiebijslag en de wettelijke verhoging (artikel 7:625 BW) plus rente.
Kom in actie
Werkt u als uitzendkracht en vermoedt u dat uw overuren zijn afgerekend volgens de regels van het bureau in plaats van die van het bedrijf waar u feitelijk werkt? Dan loont het om uw uren en de sector van de inlener naast elkaar te leggen.
PayeMesHeures is een tool om uw uren te controleren: u registreert uw echte werktijden, en het systeem berekent hoeveel u boven uw normale arbeidsduur hebt gewerkt en signaleert het verschil met wat u is betaald. Zo brengt u de wettelijke bodem — de onbetaalde uren, het minimumloon, de vakantiebijslag en de wettelijke opslagen — meteen in beeld, terwijl u nagaat welke sectortoeslag via de inlenersbeloning voor u geldt. U kunt gratis beginnen en een eerste schatting krijgen voordat u een jurist de sectorkoppeling laat toetsen of naar de kantonrechter gaat.
Welke toeslag precies geldt, hangt af van de cao van de inlener; de wettelijke bodem geldt altijd — begin daarom met het controleren van uw uren.
